Translate

donderdag 27 juni 2013

Verwerkingsopdracht(groepsopdracht) grip


Verwerkingsopdracht ‘Leesgroep’
Grip

Verwachtingen: We hadden redelijk hoge verwachtingen van dit boek. Het duurde nogal lang om een boek te kiezen, omdat we het niet met elkaar eens konden worden, maar uiteindelijk hebben we toch redelijk unaniem besloten om dit boek te kiezen. Dat kwam vooral door de mooie voorkant met een prachtig landschap en door de interessante flaptekst.
De verwachtingen zijn aardig uitgekomen. Het boek leest goed door en de landschappen die ons zulke hoge verwachtingen bezorgden werden mooi beschreven. Wel vonden we dat de gedachtes van de personages erg werden uitgesponnen. Het kwam daardoor ietwat gemaakt over. Over het algemeen zijn onze verwachtingen echter uitgekomen.

Titelverklaring: De titel slaat op het feit dat de hoofdpersonen grip proberen te krijgen op hun leven door de belangrijke keuzes die ze maken.

Personages: Er zijn vier personages in het verhaal: Paul, Vincent, Martin en Lotte. We hebben gekeken naar deze personages en hoe ze zijn veranderd in de tijd tussen hun avontuur op de Lofoten en het bezoek van Vincent en Paul aan Lotte en Martin. Uiteindelijk zijn we tot de conclusie gekomen dat de personages zo veel niet veranderd zijn en vooral de manier waarop ze tegen zichzelf aankijken veranderd is. Een voorbeeld hiervan is Vincent; iedereen (behalve Lotte) kijkt tegen Vincent op, omdat hij zo stoer en sportief is, terwijl hij dat van zichzelf allang niet meer vindt. Hij mist de spanning en de sensatie in zijn leven.

Setting, perspectief: Van de twee settings (Lofoten, brussel/Wales) vonden we allemaal de Lofoten het mooist beschreven, de schrijver is er of zelf geweest en beschrijft zijn ervaringen of heeft er goed onderzoek naar gedaan. Iedereen krijgt van de flashbacks naar Noorwegen wel een beetje kriebels om het zelf te zien. Het gevolg hiervan was dat Brussel, de trein en Engeland/Wales een beetje tegenvielen als setting, het was niet dat het niet goed was maar het voelde gewoon minder dan de Lofoten. Wat we een van de sterkste punten van het boek vonden was het perspectief. Na ongeveer 80 pagina’s waren de gebeurtenissen duidelijk, maar in de andere delen krijg je telkens een ander perspectief van een ander personage te zien en de schrijver heeft dit leuk uitgewerkt.

Motieven en Thema’s: Wij hebben twee grote motieven onderscheiden. De eerste hiervan is onsterfelijkheid: de personages lezen dat de mens in de toekomst eeuwig zal leven dit blijft terugkomen in het verhaal samen met de visie van de personages op onsterfelijkheid. Verder was een terugkerende thema Levenskeuzes. Ieder personage heeft namelijk op de Lofoten keuzes gemaakt die nu nog hun leven beïnvloeden en dit soort keuzes komen steeds naar voren in het verhaal.




Oordeel: We vinden dat het verhaal zeer goed is opgebouwd. In de meeste boeken zie je alle gebeurtenissen door de ogen van slechts één persoon. In dit boek gaat het echter om vier vrienden die elkaar na twintig jaar weer zullen ontmoeten. Eerst is Paul de hoofdpersoon. Hij zit minstens 30 pagina´s lang in de trein met zijn oude vriend Vincent. Je ziet Vincent door Pauls ogen en leert hoe hij over Vincent denkt. In een ander deel van het boek zie je hetzelfde moment door de ogen van Vincent en leer je hoe hij denkt over zijn vrienden en de rest van de wereld. Het verschil is vaak enorm. Wij vinden dit een hele goede manier om een boek te schrijven, omdat je zo een gebeurtenis van verschillende kanten ziet. Het is vaak erg moeilijk om je goed in te leven in een ander persoon, maar dit boek helpt daarbij.
Dit boek roept wel een soort triestheid op. Als Paul de hoofdpersoon is, krijg je het idee dat de vier mensen een hechte groep vrienden waren die elkaar na zoveel jaren graag weer willen zien. Naarmate het boek vordert wordt steeds meer duidelijk dat de vier eigenlijk heel verschillende mensen zijn die helemaal niet zoveel gemeen hebben. Sommige van hen willen ook eigenlijk helemaal geen reünie. Dit zorgt voor het beeld dat vriendschap eigenlijk een illusie is en daar wordt je niet vrolijk van. Het feit dat het boek emoties oproept, zegt wel iets over de kwaliteit. Als een boek iets met je doet, is het geen pulp.
Het boek is dus zeker niet tegengevallen, maar het behoort niet tot de boeken die je een heel leven bijblijven.

Persoonlijke conclusie:
In het begin hadden wij met zijn allen moeite om een boek te kiezen, daardoor liep in het begin de samenwerking tussen ons een beetje moeizaam. Na verloop van tijd verliep de samenwerking een stuk beter en dit was dan ook zeer prettig. De opdracht vond ik eigenlijk wel erg veel op de andere boekverslagen lijken die we al gemaakt hadden en daarom heb ik dan ook niet bijster veel van deze opdracht geleerd. Het boek Grip geschreven door Stephan Enter valt in te delen in niveau vier. Dit is natuurlijk niet het aller moeilijkste niveau en het was dan ook zeker niet onprettig om te lezen. Ik weet nog niet of ik de volgende keer een boek uit niveau 4 of 5 neem en welk boek ik dan zal nemen, want bij mij gaat het er vooral om dat het een mooi/leuk boek is en niet of het makkelijk of moeilijk is. 

donderdag 30 mei 2013

Verwerkingsopdracht Romantiek, door Kjell-Erik Prins


Vergelijking Max Havelaar de film en het boek.

Het boek Max Havelaar is uitgegeven in het jaar 1860 en is geschreven door Multatuli oftewel Eduard Douwes Dekker (1820-1887) en is een van Nederlands beste romans, die tevens ook nog na meer dan een eeuw actueel is. Fons Rademakers vond het zo’n mooi boek dat die op het idee kwam om Max Havelaar te verfilmen, dit deed hij dan ook in het jaar 1976.

Omdat er het boek Max Havelaar verfilmd is, komt er natuurlijk altijd als eerste vraag: Is de film een betrouwbare verfilming van het boek? Op deze vraag is mijn antwoord volmondig ja. De problemen van de personages zijn in mijn ogen ongeveer hetzelfde in het boek als in de film. Daarnaast is het verhaal van Saïdjah en Adinda  erg goed verfilmd. Een aantal kleine verschillen zullen er altijd te ontdekken zijn, maar de betrouwbaarheid wordt hier niet door geschaad. Het personage de heer Droogstoppel is bijvoorbeeld in de film veel minder aan het woord dan dat hij in het boek is. 

De tweede vraag was of Max Havelaar in het boek en in de film een romantisch personage was. Zowel in het boek als in de film vind ik dat Max Havelaar een romantisch personage is. Hij heeft bepaalde idealistische ideeën als het vechten tegen de slavernij en uitbuiting van de inlanders. Voor veel mensen waren de dingen die in Nederlands-Indie gebeurden heel normaal, maar Max Havelaar keerde zich hier tegen en kwam in ‘opstand’. Dit moeite hebben met het milieu waar men in leefde, is een kenmerk van de Romantiek.

De derde vraag: Hoe wordt Droogstoppel volgens jou in de film gepresenteerd: aardiger of kwaadaardiger dan in het boek? In het boek wordt Droogstoppel afgeschilderd als een gierige man die tevens zichzelf erg goed vind en weinig vreugde in zijn leven kende. Aan het eind van het boek wordt hij dan ook uitgescholden door Max Havelaar als ‘ellendig produkt van vuile geldzucht en godslasterlijke femelarij’ en dit is natuurlijk allerminst een compliment. Droogstoppel kwam dan ook een stuk aardiger over op mij in de film dan dat hij in het boek was.

Vraag 4 was als volgt geformuleerd: Vind je dat de verfilming een geëngageerde film is geworden en waarom?  Na de film gekeken te hebben, voelde ik me meer betrokken bij het maatschappelijk probleem dat in de film naar voren komt. Ik kon me beter inleven in het probleem, omdat het in de film erg sterk naar voren kwam.  Ik wist natuurlijk wel al hoe het er een klein beetje aan toe ging in Nederlands-Indie doordat ik er al verscheidene boeken over heb gelezen, maar na deze film/dit boek heb ik er een nog beter beeld van gekregen.

Maar is dan het boek beter of juist de film? In mijn opinie is de film een stuk beter, dit komt misschien ook doordat ik lezen niet een van de leukste dingen vind om mijn tijd te verdrijven, maar ook doordat het boek Max Havelaar in erg oudbakken Nederlands geschreven is. Daarnaast vind ik films kijken wel erg leuk om te doen en kan ik me dan ook beter inleven in de problemen die de hoofdpersonen ondergaan. 

Kjell-Erik Prins
Klas 5B

donderdag 16 mei 2013

Verwerkingsopdracht Verlichting, door Kjell-Erik Prins


Tijdens de Verlichting richten de filosofen van die tijd vooral de aandacht op onderstaande idealen, bijvoorbeeld:
-               mensen moesten mondig worden gemaakt
-               eerlijke verdeling van de macht
-               verbetering van onderwijs en opvoeding
-               nadruk op verdraagzaamheid en godsdienstvrijheid

Maar wat houden deze idealen nu precies in en nog belangrijker wat is er nu, anno 2013, van deze idealen overgebleven?

Filosofen uit de verlichting vonden dat de mensen mondig gemaakt moesten worden, dit betekende dat men voor zichzelf op moest komen en niet altijd maar naar iemand moest luisteren(ze moesten hun eigen verstand gaan gebruiken). Dit was een van de belangrijkste idealen van de filosofen en zij kregen de bevolking zover om meer hun eigen verstand te gebruiken, desalniettemin bleven de meeste Nederlanders ook nog geloven in God en zagen zij ook weinig in een beschaving zonder God. Tegenwoordig is dit ideaal nog steeds te merken in onze samenleving, nu is het zelfs zover dat veel mensen eerder kiezen voor zichzelf dan voor anderen en is onze samenleving erg geïndividualiseerd. 

Tegenwoordig leven wij in een democratie, hierin kunnen de burgers kiezen wie hun leider is, er is sprake van een burgerinitiatief: een kiesgerechtigde, met ondersteuning van 40.000 handtekeningen, kan indienen om een bepaald onderwerp op de agenda van de Tweede Kamer te laten plaatsen en er is dus een stuk minder sprake van de vriendjespolitiek zoals die vroeger overheerste. Van dit ideaal die in de Verlichting bedacht is, is dus nog erg veel te merken.

In Nederland is er sprake van godsdienstvrijheid, dat wil zeggen dat men zelf de vrijheid heeft om te kiezen tot een godsdienst toe te treden en deze te belijden en beoefenen. Vroeger was dit allemaal erg anders en daar wilden de filosofen in de 18e eeuw een verandering in laten komen, als ideaal hadden zij de vrijheid van godsdienst. In de 18e eeuw was het nog niet mogelijk om dit voor elkaar te krijgen, maar later (in onze tijd) is dit ideaal tot vervulling gekomen en heeft men in Nederland de vrijheid om te kiezen voor een godsdienst die hij/zij wil.

Uit het bovenstaande is gebleken dat er veel idealen die door filosofen in de 18e eeuw zijn bedacht, nu nog steeds een erg grote rol spelen in onze maatschappij. Een aantal van deze idealen zijn zelfs opgenomen in het wetboek zoals de godsdienstvrijheid en de machtsverdeling. 

Kjell-Erik Prins
Klas 5B

donderdag 14 februari 2013

Leesverslag 'De Donkere kamer van Damokles' door Kjell-Erik Prins


algemene informatie
 a. i: Willem Frederik Hermans met het boek De donkere kamer van Damokles.
Ii: Amsterdam, zevenenveertigste druk uit 2012, eerste druk in 1958
Iii: 318 pagina’s

B. De donkere kamer van Damokles is een psychologische roman/oorlogsroman.

Henri Osewoudt's moeder vermoordt zijn vader uit waanzin, daarom moet ze naar een inrichting. Henri gaat bij zijn Oom Bard, Tante Fietje en zijn 1 jaar oudere nicht Ria wonen. Op 17-jarige leeftijd trouwt Henri met Ria en samen nemen ze de sigarenwinkel van Henri's vader over. Vlak na het uitbreken van de oorlog ontmoet Henri Osewoudt Dorbeck, van wie hij allemaal vreemde opdrachten krijgt, zoals het ontwikkelen van geheime Foto's en het vermoorden van belangrijke Duitsers. Maar op een gegeven moment moet Henri onderduiken, waarbij hij hulp krijgt van Dorbeck: Dorbeck en Osewoudt zijn een soort dubbelgangers van elkaar. Osewoudt neemt van hun beide een foto in de spiegel. Henri Osewoudt word de hele tijd gezocht door de Duitsers want hij heeft zo onderhand allerlei mensen vermoord (waaronder Ria die trouwde met een ss-er) en allerlei andere dingen voor (wat hij hield voor) het verzet gedaan. Daardoor kan hij niet meer over straat en vermomt hij zich als een verpleegster.

Na de bevrijding meldt Osewoudt zich bij de Binnenlandse Strijdkrachten, maar daar zien ze hem als een landverrader en geloven niet dat Dorbeck bestaan heeft. Ze stoppen hem in de gevangenis. Maar hij houdt vol dat er een foto bestaat van hem en Dorbeck samen in een spiegel en dat het fototoestel waar de foto in zit nog ergens moet zijn. Het fototoestel wordt gevonden en de foto's worden ontwikkeld. Maar de foto van Dorbeck samen met Henri Osewoudt is mislukt. Daarop probeert hij te ontsnappen, maar hij wordt neergeschoten en overlijdt.

1) Verwachtingen
 Periode twee van het schooljaar was aangebroken, dus we moesten weer een mooi boek uitkiezen om ons verslag van deze periode te maken. Ik stond ongeveer een kwartier in de mediatheek voor de boekenkast van Nederlands. Ik kon maar niet kiezen. De lerares kwam aan lopen en zag dat ik moeite had met een boek kiezen. Ze raadde mij dan ook dit boek aan.

 Op het eerste gezicht leek het mij een erg mooi en spannend boek en toen ik even later het boek ging lenen, bleek dat het dit jaar(2012) is verschenen voor Nederland Leest. Deze extra verschijning is niet zomaar gedaan, dus ik dacht dat het wel een heel mooi boek zou moeten zijn.

2) Motieven en Thema
De motieven in dit boek zijn:
- Foto’s ; De foto’s in het verhaal moeten bewijzen dat hij een verzetsheld is.
- Identiteit; Osewoudt vindt zichzelf eigenlijk de mislukte versie van Dorbeck, deze twee lijken zo op elkaar dat Osewoudt zijn eigen identiteit als het ware moet zoeken, want hij vindt Dorbeck de betere versie van hemzelf.
- Een spiegel; Osewoudt kan zijn eigen identiteit niet vinden, dus komen er in het hele verhaal spiegels voor waarin Osewoudt zichzelf ziet en zo zijn identiteit probeert te ontrafelen.
-De tweede wereldoorlog; Dit verhaal speelt zich in deze oorlog af en dat is ook zeker goed te merken in het gehele verhaal.
- Een dubbelganger; Doordat Osewoudt en Dorbeck zoveel op elkaar lijken, is een dubbelganger ook een terugkerend motief. Osewoudt probeert dan ook opdrachten van zijn dubbelganger Dorbeck te voltooien.

Het thema van het boek is het niet kunnen bewijzen van dingen. Osewoudt  moet de waarheid aantonen om de dood te ontlopen, dit lukt helaas niet en Osewoudt gaat dan ook aan het einde dood.

3) Beoordeling
a. Schrijfstijl:
De schrijfstijl die Willem Frederik Hermans gebruikt in dit boek is erg prettig, maar ook zeker goed te volgen. Als men eenmaal het boek aan het lezen is, is het nog erg lastig om het boek niet in een keer uit te willen lezen.
Hermans laat mensen vaak in de directe rede met elkaar praten, op deze manier kan je je goed inleven in de personages en krijg je een goed beeld bij waar en hoe ze met elkaar staan te praten. Een voorbeeld van deze directe rede is te vinden op pagina 119:

- zie je die? Vroeg hij.
- Heeft niet te betekenen. Lunteren krioelt immers van dat tuig? Misschien gaat ze vast het bed opmaken voor de Leider die hier om de haverklap een landdag houdt.
Toen zij uit het station kwamen, had de andere jeugdleidster ongeveer dertig meter voorsprong op hen.
- Welke kan uit?
- Dezelfde kant als zij.
- Is het hier in de buurt?
- Nee, veel verderop.

B. tijd: Dit boek speelt zich af in de tweede wereldoorlog. Deze tijd is erg belangrijk voor het boek, er worden sancties opgelegd als men niet doet wat de Duitsers zeggen. De tweede wereldoorlog brengt natuurlijk vanuit zichzelf al spanning  teweeg en hierdoor wordt het boek dan ook zeer spannend.

Vertelperspectief:
Dit verhaal is in de derde persoon geschreven. Je kijkt als het ware mee met Osewoudt. Je leeft met hem mee en je zit dan ook in spanning als in grote gevaren verkeerd.

4) Eindbeoordeling:





Het was een erg mooi boek. Het mooiste van het boek vond ik toch het zoeken naar de eigen identiteit van Osewoudt. Hij vindt Dorbeck de betere versie van zichzelf en daarom is het soms ook grappig om te lezen. Het volgende citaat illustreert de zoektocht erg mooi:

Ik kan mijn haar niet altijd zwart blijven verven en al deed ik het, ik zou nooit een man als Dorbeck zijn, ik lijk wel op hem, maar niet helemaal.

Daarnaast is het ook een erg spannend boek. Het boek speelt zich zoals eerder gezegd in de tweede wereldoorlog af. Deze tijd was natuurlijk voor alle nederlanders een spannende tijd en dat is ook te merken in het boek.

-Ik had het… Als ik Dorbeck nooit ontmoet had… 
- Die Dorbeck- geschiedenis, geloof je daar zelf in?
- Wat bedoelt u?
- Geloof je werkelijk dat Dorbeck bestaan heeft, dat je hem herhaalde malen ontmoet hebt en dat hij je allerlei opdrachten heeft gegeven?

Uit het bovenstaande citaat blijkt dat dit verhaal tevens erg onvoorspelbaar is, aan het einde van het boek komt Osewoudt namelijk bij de psychiater en daar kom je dingen te weten/ga je nadenken over dingen die je eigenlijk nooit eerder gedacht had. Door deze onvoorspelbaarheid ga je het boek opeens anders bekijken, dit vind ik erg mooi en leuk dat dit pas aan het einde van het boek gebeurd.

Bronnen
De volgende bronnen heb ik gebruikt bij dit verslag:
- http://nl.wikipedia.org/wiki/De_donkere_kamer_van_Damokles
http://www.zoekboekverslag.nl/boekverslag-4150.html
- http://www.dbnl.org/tekst/jans037over01_01/